Schurft

Je kan zien dat het weer somber en regenachtig wordt want het parkeerdek stond behoorlijk vol. Nou ja, om eerlijk te zijn kun je alleen bij alle ingangen niet parkeren. Een eind daarvandaan wel. Eigenlijk moet het verplicht zijn om halverwege te beginnen met vakkenvullen en dan naar de ingangen toewerken. Logisch ook want anders klopt het spreekwoord: vele laatsten zullen de eersten zijn niet. Nu ben je verplicht als eerste te zijn om bij wijze van spreken niet de bus te hoeven pakken. Nu is er al zo gesleuteld aan dat parkeerdek dat een bus er sowieso door zou zakken. Wij bewogen ons behoedzaam tussen de schappen. Zagen de vrouw van Tarzan uit een andere wijk hele schappen leegroven. Waar kleine dames al niet groot in kunnen zijn. Piep, piep, piep ging het maar, want ze scande zelf. Velen kijken je argwanend aan omdat je best wel incognito bent en andersom is dat ook zo en laten wij eerlijk zijn: een paar jaar geleden werd je opgepakt als je zo een winkel binnenkwam. Maar goed, ik zie een oude grijze man, die best eens sinterklaas zou kunnen zijn – Je weet het niet meer hè- dubben voor het schap. “Heeft u geen briefje bij u?”, vroeg ik beleefd. Hij keek mij aan met glinsterende ogen en liet triomfantelijk het verfrommelde briefje in zijn hand zien. “Mooi”, dan komt u er wel uit”. “Maar, mijn leesbril ligt nog thuis”, kwam er achteraan. Ik bood hem mijn leesbril aan, want dat doe ik wel meer. Een mooie gelegenheid om later weer eens een nieuwe op te zetten, vergeetachtig als ik ben. Dat was niet nodig. Hij kwam deze dag wel met een verrassingspakket thuis. Dan hadden hij en zijn vrouw samen thuis ook nog wat te lachen of te huilen na 17.00 uur, want dan kon hij niet meer terug.

Een oud collega van de huishoudelijke dienst liep mij straal voorbij maar haar man herkende mij. De man die vorige keer vertelde dat zijn vrouw er niet bij was, omdat zij na een behandeling bij de schoonheidsspecialiste niet mee durfde. Hij had het blijkbaar thuis ook verteld, want toen ik een opmerking maakte dat zij na de laatste behandeling er geweldig uitzag was het hek van de dam. Zij bulderde met haar zware lach zo hard dat de koekjes op het rek tegenover ons begonnen te dansen. De krakelingen met de kletskoppen. De bastognes met de bitterkoekjes en de ‘amazing stroopwafels’ gingen ook uit hun dak. De virussen gierden duidelijk zichtbaar om de banketstaven want sinterklaas komt eraan. Ik zei haar nog dat die lap nou niet bedoeld was om er hard doorheen te toeteren, maar dat kwam niet aan.

Bij het gekruide vlees kreeg ik opeens jeuk aan armen en benen. Ik moest meteen denken aan wat ik die ochtend gelezen had: de schurft is aan een opmars bezig in Nederland. Nu heb je al de schurft aan dat virus en nu zijn opeens hele gezinnen en studentenhuizen met alleen schurft besmet. Vervolgens zie je net de ene na de andere student iets te eten kopen en raar behandeld vlees langs je voorbij gaan. Men moet stoppen met die bangmakerij waar je jeuk of andere ellende van krijgt. Hebben die journalisten in die kranten geen gezelliger verhalen te vertellen? Is er dan helemaal geen fantasie meer bij deze mensen. Zag pas een column van de door mij hoog aangeslagen vriend Kees Thies. Hij deed daarin ook al mee aan die ellende door ene Henk af te branden. Een Henk die helemaal niets had. Het enige wat hij nog had was een eigen mening en die was volgens Kees niet de goede. Dus als je helemaal niets hebt en je mening deugt ook al niet, wat is dan nog de zin van je bestaan? Dan wordt je toch regelrecht de put ingestampt. Eerlijk en positief gezegd, hoop en denk ik dat Henk helemaal niet bestaat.

Na de nodige winkels afgelopen te hebben waarbij ik mensen keek voor zover dat gaat, heb ik nog een kleurplaat gedeponeerd bij het steeds armetieriger wordende sinterklaas stalletje zonder pieten. Tja, na 17.00 uur is er niet veel meer te beleven dus wat ga je doen: kleuren. Na een bepaalde leeftijd begin je weer opnieuw te tellen en omdat ik zoals normaal hier en daar over de lijntjes gegaan ben hoop ik dat mijn kleurplaat meegeteld wordt. Na sint gingen wij nog even kerstvieren aan het einde van het WC. Geblindeerde ramen van de nieuwe Jumbo met een aantal ruim verlichte kerstbomen ervoor. De kerstliederen moesten nog uit het plafond neerdalen. Plots hoorde ik een dame, krom gebogen over een rollator en onder begeleiding luidkeels zingen: we zijn er bijna, we zijn er bijna. Bijna einde van het WC? Sinterklaas, kerst misschien of uit de maatregelen rond de virus crisis? Roept u maar. Ik durfde het niet te vragen.

De man voor het Kruidvat bestond wel. “Hij leek op McCloud, maar was het niet. Ik ging 1,5 meter verderop staan en vroeg hem: ”is dit de plek voor wachtende mannen die de winkel niet in mogen?” Hij keek me aan alsof ik schurft had. Ik herhaalde mijn vraag en hij zei: “Hi, hi, hi, dat zou kunnen” Hi, hi hi, kwam eruit als van een hinnikend paard met een hoge stem. Zo hoog dat ik dacht dat de man schurft had. Je komt er niet meer los van. Je kan mensen met zo’n mondkapje niet meer inschatten. Ik had een veel zwaardere stem verwacht en dan is het gewoon schrikken. Vroeg toen of er misschien hier ook koffie geserveerd werd maar met dezelfde stem waar ik nu aan gewend was dacht de man dat het ijdele hoop was om vervolgens weer rond te kijken. De een heeft veel stof tot praten en ik weinig.

Op dat moment groette een lieftallige dame mij. Zij herkende me van de club waar ik haar als jong meisje al tegenkwam als ze naar haar voetballende broers keek en ik moest wel even kijken terwijl ze niet gesluierd was. “Je ziet er geweldig uit” en daar was niets van gelogen. Bij de roltrap kwam zij de Jumbo uit met een doos Brokking gebak. Ze was aan het werk, maar iemand die aan het einde van haar aards bestaan bezig is, voor zover men dat kan zeggen, wilde zij nog even verrassen. Een nobele daad waarvan ik een gedeelte van dat gebak in mijn keel kreeg. Niet dat de herinnering aan de lekkernij lang zal duren, maar dat geldt voor alle dingen die wij beleven. Het gaat om het nu. Maak daar een feest van en daarom vind ik dit een geweldige daad, waar een mens vrolijk van wordt. Dat werd ik niet op het parkeerdek waar nu weer een sufferd in een SUV de passagiers kant geblokkeerd heeft. Ik begon alweer jeuk te krijgen aan armen en benen. Zo kom je aan deuken in je auto. Verleidelijk om ook maar deuken te rammen. Ik reed mijn auto netjes achteruit zodat mijn vrouw kon instappen. Mooie momenten moet je niet laten vergallen door de lelijke. Daar heb ik een schurft aan gekregen.

Ui vrolijk

Had net wat pakken water gehaald uit het schap toen ik oog in oog kwam met de pretoogjes onder een volle bos grijs haar en boven een zwart mondkapje. Geen carnaval, toch carnaval. Zijn zoon zat op dezelfde basisschool als mijn zoon en ik had altijd gedacht dat zijn zoon jarenlang de spits van de club zou zijn. Nu is hij ,volgens Hans, verantwoordelijk voor de goals van een laag spelend clubje aan het Haringvliet en is daar gelukkig. De menthol van de kauwgom die ik nog in mijn mond had kwam boven het monddoekje meteen in mijn ogen terecht. Ze begonnen te tranen. “Ik kan die kauwgum moeilijk aan de binnenkant van mijn doekje plakken, want dan heb ik weer kans dat ik ga niesen en dat kan in deze tijd niet in een volle winkel”. Hans als redder zag een prullenbak waar ik het balletje discreet in kon laten verdwijnen gelijk Fred Kaps. Mijn karretje werd voller, maar die van Hans niet. “Als die van jullie vol is kan ze met die van mij beginnen”, zei Hans. “Tja, als je alles op een briefje hebt moet dat lukken”.

Ik keek of er al haring in mijn kar zat omdat dit mijn werk was, maar het was al een haringkar. “Twee is altijd goed: een voor het hart en een voor de bloedvaten”, hield ik Hans voor. “Ik neem meestal een makreel, dan heb ik het idee dat de benen vanuit mijn heupen soepeler bewegen”, zei Hans serieus. “Eigenlijk moet je zo ook boodschappen doen Hans. Vis voor het hart, bloedvaten en smering van bewegende delen. Bier voor het smeren van de keel. Peen voor beter zicht. Noten en vezelproducten voor de stoelgang etc. dan voorkom je dat je ongezonde dingen koopt. Hij had al wel tomaatjes met vitamine C voor het algemeen welbevinden. Heb je trouwens wel gekeken of de schil van die tomaatjes in tact is, want anders heb je kans dat die vitamines eruit zijn. “Ben jij gek, daar heb ik geen tijd voor”. Al tien jaar thuis en geen tijd hebben. Dan kan je met die tijd niet omgaan. “Ik zou er niet aan moeten denken dat ik nu ’s morgens weer vroeg het bed uit moest om te gaan werken”. Hans zwaaide naar de dames van restaurant ‘het Bevertje’ waar hij gaat eten als hij geen volle kar heeft. Ze kwamen even bijpraten en wij gingen de kassière bezoeken die het iedere week weer duurder voor ons maakt en het pensioenfonds heeft al geschreven dat er geen kans is dat er de komende jaren ook maar iets bijkomt. Gewoon blijven lachen. Desnoods tranen met tuiten. Ah, de uien dus niet vergeten.

Onder toezicht van Famous Grouse was men druk bezig met de kerstversiering aan te brengen. Je kan daarmee niet vlot genoeg zijn. Binnenkort zou het zomaar kunnen dat in het WC de kerstman en sinterklaas met elkaar op de vuist gaan. Het stalletje met zwarte pieten dat ik vorige week nog op de foto had stond er nog. De zwarte pieten waren verdwenen en veranderd in pilaren met cadeautjes. Een mooie tijd om te speculeren. Er is maar één iemand nodig om er iets van te vinden en de attractie verdwijnt als sneeuw voor de zon. ”Ik zag net een Piet gebukt de deur door gaan”, zei mijn vrouw en het zou best kunnen dat zij er inderdaad vandoor zijn gegaan om plaats te maken voor Jozef en Maria en een paar schapen, want een dikke kerstman zou de verkeerde boodschappen gehaald hebben en dat kan echt niet in een winkelcentrum. Wij hebben even het nieuwe gedeelte van het WC bewonderd. Prachtige nieuwe ruime entree en Shoeby zal wel weer op zijn eigen plek komen met een grotere etalage. Waarschijnlijk is er met de nieuwe Jumbo straks voor zich meer aanloop te verwachten. Kan moeilijk inschatten hoe groot de Jumbo ruimte werkelijk is omdat ook de bloemenwinkel ergens een plek moet krijgen.

Moet ik opeens denken aan die keer dat ik op maandagmorgen toen zij net open waren bloemen ging halen die ik subiet nodig had. Met een mooie bos van grote bollen bloemen toog ik naar de auto. Er stond best wel wind want het portier waaide terug tegen mijn arm en van de tien bollen zaten er negen een etage lager in mijn papier met decoratie. Ik keek verbaasd naar die stokken met bladeren en bedacht hoe ik die bloemen weer terug op die stelen moest krijgen. Ben maar naar de bloemenwinkel gegaan en gevraagd of ik deze bos nog kon weggeven. De dame kreeg een mooie kleur, maar zij zat ook niet in die bloemen. Ik kon een nieuwe bos uitzoeken die voor ik weer naar de auto ging even door elkaar gerammeld heb. Dat begreep de bloemendame nu wel.

Toen wij weer naar huis gingen zaten Henk en Ingrid achter de koffie met een koekje erbij bij Delicious gezellig naast elkaar zoals zij dat ook thuis plachten te doen. Geheel zonder mondattributen omdat anders niets naar binnen kon. Zij zwaaiden dat het een lieve lust was. Kijk ons eens stoer doen en vooral van het leven genieten, want dat kan ook. Zij hielden triomfantelijk hun kopjes omhoog. Salut. Mijn auto had ik op het parkeerdek achtergelaten midden op een parkeervak en aan beide kanten geen auto’s. Toen ik terug kwam stonden er wel aan beide kanten auto’s met aan de bestuurderskant een grote SUV op twintig cm naast mijn deur. De sufferd die erin hoorde, was niet te zien. Hij was er wel gemakkelijk uitgekomen. Nu ben ik niet de burgemeester van Nijmegen die een leeg parkeervak nodig heeft om in te stappen, maar dit was echt niet te doen. “Hoe ben jij erin gekomen?”, was de niet onlogische vraag van mijn vrouw toen ze terug kwam van het karretje wegbrengen. “Dat zal ik vertellen. Ik ben aan jouw kant ingestapt, maar dat bleek een worsteling. Eerst met een been op mijn plaats gaan zitten, maar toen kon ik het andere been met geen mogelijkheid bijtrekken. Vroeger lag ik de benen in mijn nek. Nu alleen nog in mijn dromen. Het stuur, de versnellingspook, alles zat in de weg. Toen ik dacht er bijna te zijn dreigde de kramp in mijn hamstring te schieten en er zat geen verzorger op de achterbank. Dat ging dus echt niet. Weer terug heb ik eerst beide benen op de juiste plaats gezet en kon ik mijn lichaam in de stoel hijsen. Fluitje van een cent al zit ik nu te hijgen. Vlak boven mij op het balkon van de flat die grenst aan het parkeerdek was een man aan het werk. Dat had hij even stilgelegd. Toen ik zat, applaudisseerde hij. Ik nam het applaus in ontvangst. Hoe je zonder het te weten mensen kan entertainen. Maar, ik heb niet één lelijk woord gezegd.

Thuis gekomen waren alle zes de parkeerplaatsen bezet. Dat gebeurt nooit. Ook nu geen onvertogen woord. Boodschappen binnenbrengen en een andere plek zoeken aan het einde van de straat. Mijn Italiaanse vriend zag me en troonde mij op zijn bekende charmante manier binnen om zijn Bulgaarse vriendin die na maanden weer vanuit haar land terug was met handen en voeten welkom te heten en ik ging weg met wat digitale karweitjes om op te knappen. De maandag was goed begonnen.

Bruin met witte stippen

15-11-2021

De eerste week van een zogenaamde lockdown al was daar niet veel van te merken.
In de Jumbo werd ik al snel bekeken door een klein mannetje die in een boodschappenkar zat. Waarschijnlijk omdat ik een lap voor had met het Wieldrecht logo. Weliswaar onder de neus , want je moet lucht blijven houden. Reclame maken voor toekomstige voetballers is altijd goed. Moeders was met de schappen vol producten bezig. Het ventje had helemaal niets te doen en verveelde zich stierlijk. Zelf nam hij het initiatief om naar mij te zwaaien en natuurlijk reageerde ik omdat ik ook alleen maar het karretje moest beheren en af en toe duwen. Wij hadden samen wat te doen en hij liet me niet meer met rust. Na een poosje had zijn moeder dat ook door en zij is dan weer trots op haar kleine jongen. In het volgende gangpad stond zijn kar kort bij de kruiden. Hij voelde zich thuis en werd wat brutaler. Moeders keek naar de schappen aan de overkant, terwijl het mannetje het ene product na het andere pakte en bij de andere boodschappen flikkerde. Een inwendige glimlach kan ik niet onderdrukken. Ach, straks zal zijn moeder wel verrast zijn om haar vreemde keuzes. Is het niet onderweg dan wel bij de kassa.

Buiten stond Patrick van het hoog water in het dorp met een kleurig mondkapje voor. Geel met bloemetjes en het zou mij niet verbazen als iemand het in elkaar gezet had van een gordijn uit een kinderkamer. Wel een geweldig motief om er ook sokken van aan te doen. Maar uitgerekend nu had hij een te lange broek aan zodat ik het niet kon zien. Ik zag hem naar mij kijken en ik verbeelde mij dat hij dat indringend deed alsof hij wist dat ik daar regelmatig over schreef. En dacht daarbij ongetwijfeld: ík zal je krijgen kreng’, ik trek gewoon een te lange broek aan en desnoods struikel ik daar maar over. Over mij heb je het niet meer.
Bijna werd ik omver gereden door een kordate jonge moeder die stevig een kind in een wandelwagen voor zich uit duwde. In de Jumbo had ze mij ook al bijna geraakt toen ik bij de paddenstoelen bij de Jumbo stond, die Ik niet nam omdat ik de plukkers niet vertrouwde. Nu stopte zij plots om de veters van haar militaire kistjes vast te maken. Ik begreep meteen: het kind werd klaargestoomd voor de stoottroepen later.  

Wij waren met ons tweeën en een van ons ging de Gall & Gall in. Ik was het niet. Ik hou niet van drank, nou ja, niet om met een fles aan de mond in het WC of op de WC  te gaan staan. En soms is het ook wel eens lekker om niet te kunnen beslissen wat je zal nemen om deze bizarre tijd door te komen. Vandaag was zo’n dag dat wij gezamenlijk besloten dat je het virus niet kan verdrinken. Virussen houden dan weliswaar niet van vocht, maar stel je voor dat ze dit vocht wel lekker vinden. Dat risico namen wij deze keer eens niet.
Tegelijkertijd kwam Batman langs gehold. Een ventje van twee turven hoog. Ook al weet ik de lengte van een turf niet. Nou ja, beter is misschien vijf smurfen hoog dan. Hij had een lap voor zijn ogen, waarvan ik zei dat het voor zijn mond moest net als ik had. Nee,  schudde Batman, en ik deed mijn mondkapje ook voor mijn ogen en hield mijn armen gestrekt  voor mij uit alsof ik op de tast was. Batman schaterde. Ik vroeg mij  af of ik een goede opa zou zijn. Ach, deze kinderen verdwijnen even snel als zij komen, want moeders had haast en tilde hem de boodschappenkar in. Een gillend huilende Batman had ik nog niet eerder meegemaakt. Ook kinderen zijn gesteld op hun vrijheid.  

Bij de Big Bazar was een klein meisje zich aan het verbazen over een uitstalling terwijl zij achteruit liep richting mijn boodschappenkar. Dus moest ik ook achteruit terwijl haar moeder haar toeriep voor zich uit te kijken, maar wij zitten in een tijd van mysterie voor ouderen en mystiek voor jongeren. Vol verbijstering keek zij naar het schouwspel en hoorde haar moeder niet. Zelf stond ik inmiddels geparkeerd in de LIDL. Het kind kende ongetwijfeld het verhaal van kabouter Piggelmee met zijn paddenstoel rood met witte stippen. Hier stonden pieten bruin met witte stippen en ongetwijfeld zal men daar in de winkeliersvereniging de nodige kopzorgen over gehad hebben. Het ene deel wilde zwarte pieten, andere winkeliers wilden de kerk in het midden houden en wilden ze bruin bakken en de woke Hema zal gezegd hebben, dan zetten wij er stippen op. Ik werd wakker van de opmerking naast mij: heb jij je kleurplaat al ingeleverd bij een van die brievenbussen.

Toetie stond voor de Blokker. Ik zag het aan haar kraaloogjes boven haar mondkapje. Toetie is altijd hartelijk. Als je iets niet zeker weet vraag je het aan haar, want zij is wel altijd zeker en zeker als het over honden gaat. Sinds haar laatste hond een Weimaraan overleden is, deelt zij nu een zelfde soort met een vriendin uit een andere stad. Geweldig voor allemaal. Het geeft zekerheid voor de hond omdat de baasjes al ouder worden en de hond gaat alleen maar op vakantie. Om de veertien dagen is het verandering van spijs en omgeving voor deze hond van nu elf maanden. Nee, ze hadden regelmatig contact met elkaar over de opvoeding. Toetie past ook op honden waarvan de baasjes met vakantie willen, al moeten ze wel ingeënt zijn. Binnenkort ook voor Covid, omdat men wel de mensheid inclusief baby’s kan enten, maar als dieren ook voor het virus gevoelig zijn, wordt het dweilen met de kraan open. In Canada heeft men al beesten ingeënt. Maar waar stop je. Insecten die overal op en in zitten zijn moeilijk allemaal te vangen.

Thuisgekomen moeten de boodschappen op de daarvoor bestemde plaatsen ingeruimd worden. In de kasten al dan niet gekoeld. De twee potten Griekse Yoghurt bleken twee verschillende einddata te hebben. Een metá 10 december die gecheckt was en de ander bleek bij nader inzien verrassend met 10 november al vijf dagen over tijd. Foei Jumbo, hoe kan dat?  Te kostbaar om terug te gaan en ze de huid vol te schelden. Wij wachten maar tot morgen. Wellicht is de lucht bij openmaken nog goed, misschien wel grijs bewolkt met rug zwemmende groen gekleurde schimmels en bacteriën die in de stroperigheid bijna niet vooruit komen. Het wordt een nacht dus om over iets anders te kunnen dromen dan virussen.

Halloween 1-11-2021

Zou het niet zo kunnen zijn dat de meeste bijna ongelukken zich voordoen op een parkeerdek als die van WC Sterrenburg? Vooral in achteruit rijden is niet iedereen even bedreven. Altijd blij als ik met de familie heelhuids binnen ben en dan denk ik er nog niet aan dat ik met een winkelwagentje straks nog naar de auto moet. Bij de oversteekplaats voor het WC gaat het meestal goed, want het gros stopt gewoon, maar het gaat om die enkeling die in de verte een lege plaats denkt te zien en niet in de gaten heeft dat die sowieso voor hem of haar is. Passeren is daar ondenkbaar. Dat zebrapad is dus schijnveiligheid. Geweldige dag om boodschappen te doen. Je hoeft je niet te bekommeren over het feit hoe mensen eruit zien. Halloween is voor een aantal onder ons een uitkomst. Ik stond mijn lege fust bij de Jumbo in de automaat te doen. Maar vier lege bierflesjes voor een heel weekend en dat met zijn tweeën levert weinig statiegeld op. Je bent zo klaar om je op je schreden terug te keren en dan kijk ik tegen een enorme bos paars haar aan daarbij een grote bril en een dito neus. Van die laatste weet ik niet of hij nep is. Maar, gewoon doorlopen mensen, het was immers het weekend van Halloween, terwijl tegelijkertijd de alarmsirene voor de eerste dag in de maand luid afging. Je zat weer middenin het feest.

Ik weet niet of er nog kantines zijn in scholengemeenschappen en zo ja, wat ze er dan allemaal niet meer mogen verkopen. Om me heen bij de Jumbo zie ik veel van die kinderen alleen maar kiezen wat zij lekker vinden, maar wat anderen, die zelf naar bijvoorbeeld de dubbel Gall gaan, vinden dat ze dat beter niet kunnen nemen. Wat is wijsheid. Neem zo’n CDA burgemeester uit het midden van het land, die vindt dat gezonde jonge mensen met een goed immuunsysteem en dus geen kunstmatig shot nemen uitgesloten moeten worden van een sociaal leven en werk. Dat zegt dan iemand die bij zijn grootst denkbare maatpak de knoopjes nog niet dicht kan krijgen. Ook zonder Halloween. Die zondags een plaats aan de zijkant van de kerk toegewezen krijgt, omdat anders de rest van de kerkgangers de dominee niet kan zien.

Dat een andere CDA man straks met droge ogen gaat beweren dat men met een pas moet kunnen aantonen dat je gezond bent voor je een ziekenhuis in mag komen. Echt? Wat heb je daar dan nog te zoeken? Een haan in hun buurt zou niet drie maal, maar zich bewusteloos kraaien. Voor het Kruidvat kwam ik een oud collega tegen uit het ziekenhuis. Zij vindt zich nog helemaal niet oud. Een klein beetje maar. Heb haar en vooral haar man een poosje niet gezien. Haar man leek ook op McCloud. Hij had altijd een stoere hoed op als hij met Reus, de grote herder, in de buurt liep te wandelen. Maar aan een hondenleven komt sneller een eind dan normaliter aan een mensenleven. In het ziekenhuis kwam ik haar altijd tegen bij de vergaderruimten. Daar zorgde zij voor een gastvrije ontvangst met alles erop en eraan. Nu had ik een hekel aan vergaderingen, maar als ik haar zag was het altijd lachen. Een betere gastvrouw was er niet. Geen hond meer, maar wel verhuizende kinderen en weer een kleinkind op komst.” Kinderen houden tegenwoordig ook geen rekening meer met oma en opa, hè?”. “Nee”, gierde zij het uit. “Dat doen ze niet. Opa en oma staan wel klaar”. Jawel, opa moest regelmatig klussen en dat is met fietsen ook in beweging blijven. Maar dat klussen dan wel met eigen gereedschap, want met eigen hamer slaat dat gezelliger op je vingers.

Ze praatte mij bij over collega’s uit het ziekenhuis. Geen gezellige verhalen over bekenden die ziek werden meteen na hun pensioen of overleden. En over Warretje die bij ons op de afdeling de boel schoonmaakte. Dan moesten wij van haar de bureaus naar voren zetten want dan ging zij op eigen initiatief de ramen zemen zodat wij weer naar buiten konden kijken. Ze werkte ook nog lange tijd bij Carel Jooren, een bekende in het Dordtse horecaleven, maar die heeft zij hoe dan ook wel overleefd. Zij regelde daar ons afdelingsetentje in de Stroper, maar dat zou zij nu niet meer kunnen. De laatste keer dat ik haar zag in het WC moest ik vertellen wie ik was en toen kwam van lieverlee alles weer boven. Zij dronk dan koffie bij Delicious met een andere oudere Indische vriendin die zij steevast “mijn moedertje” noemde. Dat was quality time. Mijn collega had ‘moedertje” het laatst in het ziekenhuis ontmoet toen zij op bezoek kwam bij haar man, die daar opgenomen lag. Nu blijkt zij nog eerder overleden te zijn dan haar man en ontfermt een andere Indische collega zich weer over hem. Het leven kan zich ondanks ellende ook van zijn mooie kanten laten zien. Warretje scharrelt nu alleen nog in de winkels in de buurt van haar huis rond. Ondanks de goede zorgen van haar zoons, is zij niet meer de keurig verzorgde dame die zij altijd was. Het haar verwaarloosd en haar karakteristieke rode lipstick zit meer op haar wenkbrauwen dan op haar mond. Vreselijk, maar niemand zou er vandaag over vallen, want Halloween.

Terwijl wij staan te praten komt de dame van wie ik een vorige keer niet precies wist of zij wel die beweeglijke meevoetballende supportster langs de lijn bij haar zoons was. Dus toch, want nu zwaaide zij al van afstand naar me. Ik zwaaide terug naar de oma die haar kleinkind het WC in een wandelwagen liet zien. Een andere oma die ik van de club ken kwam ook groetend langs met een dubbele wandelwagen. Het is zoals mijn collega zei: “Je wordt dan wel ouder, maar alles begint weer van voor af aan”. Een gepensioneerde man van de club die ik altijd met zijn twee kleine witte hondjes kon uittekenen, maar die kort na elkaar inmiddels ook het tijdelijke met het eeuwige verwisseld hadden, liep een lege winkelwagen te duwen. Hij had nog iets op het programma. Een groet. Alles goed? Natuurlijk is alles goed, want niemand hoort graag vervelende verhalen. Dat houdt op, maar ze zijn er wel.

Zo zag ik zaterdag een van de voetballers in burgerkloffie op de bank zitten. Zijn gezicht leek op een masker. Strakke getrokken mond, rood gezicht en kleine tranende ogen. Hij liet mij zijn lichaam, armen en benen zien. Dat was schrikken. Helemaal rood paars gekleurd met bobbels. Hij had jeuk en pijn. Dat gaat wel ver voor Halloween, maar het bleek door een verkeerde diagnose van een huisarts te komen. Dat is tot daar aan toe, maar de medicatie was daardoor fout en die zorgde nu voor een heftige allergische reactie. Maar, hoe komt hij aan een gezondheidspas om in het ziekenhuis te komen? Is er al zoiets als een Halloween ziekenhuis? Wij leven in een rare wereld. Iedere dag lijkt Halloween.

De Merwelanden

Vroeger gingen wij met onze border collie Diva veelvuldig naar de Merwelanden. Als zij het onderweg doorkreeg dan werd ze helemaal wild. Zij rende daar het snot voor de ogen en lag voor ledderom in de auto naar huis. Thuis gekomen was het eerste wat zij deed weer de bal pakken, net als wij toe waren aan een beetje rust.

Maar het was goed weer en gingen het rondje nog eens lopen. De laatste keren dat wij er waren was bij “Dag van Mens en Dier” en het “Keltfest”. Dat waren geweldige evenementen waarvoor deze locatie ter hoogte van sterrenwacht Mercurius uitermate geschikt was. Ik leerde daar op uitnodiging van collega’s als de Moretti’s iets over de paardensport in alle hoedanigheden. En ontmoette daar Erik Verstappen een bekende slaven drijver maar dan met schapen en zijn border collies. Het Keltfest was een feest met ouderwetse sporten zoals paalsjouwen, kogelkoppen, dwergwerpen etc. Veel niet alledaags geklede mensen zaten voor tenten dingen uit de oudheid te fabriceren. Lappen vlees werden met kannen bier geserveerd te verhoging van de vreugde. Geweldige bands met Keltische muziek traden op zoals bijvoorbeeld Rapalje waarvoor zelfs ik een beetje aanstalten tot bewegen maakte. Jammer dat deze publiektrekkers, de mensen kwamen van heinde en verre, uit Dordrecht verdwenen omdat zij uit hun jasje groeiden.

Wij waren dus op een plek met vele herinneringen. De grazige speelweiden lagen er nu ongeschonden bij. Er was een steiger gemaakt voor de waterbus en die kwam net aan met een paar fietsers aan boord. Omdat fietsers altijd naast elkaar fietsen moet je als wandelaar achter elkaar lopen. Toch groeten wij iedere passant enthousiast omdat dit het minste is wat je kan doen. De reacties waren van enthousiast terug groeten, een knik of chagrijnig negeren, maar daardoor moet je de middag niet laten verpesten. De Helsluis was in onderhoud en er kon geen bootje door. Je moet eens achterom kijken, dan zie je hoever wij al gelopen hebben. En wij moeten dat stuk ook nog terug werd er gemompeld. Heel in de verte en bijna niet te zien moet de aanlegsteiger van de waterbus zijn. Even op een bankje zitten in de zon.

Weinig vogels te zien, maar wel een heidelibel die voor mij was om op beeld vast te leggen. Even verder staat een man met bril, een vrouw met bril en chowchow te fotograferen. Een blauwe lap tong hing naar buiten bij de hond. “Die hond steekt zijn tong naar u uit”, wilde ik lollig doen, maar de man die net als de vrouw er niet snugger uitzag stopte mij het toestel in de hand, nadat mijn vrouw mij daarop gewezen had. Dan konden zij samen op de foto was de bedoeling. Het stelletje bleek dus veel slimmer te zijn dan mijn persoontje. Het is altijd anders dan je denkt. De man stond in het licht, vrouw in de schaduw en de hond zat met zijn kont naar mij toe. Toen maar een geheel andere opstelling gemaakt vanuit ook een andere positie en het geheel vergroot zodat ze goed uitkwamen. Ze moesten eerst de foto’s maar bekijken omdat ik er nu nog was, maar ze waren heel tevreden en dan ben ik het ook.

Moest meteen denken aan een kunst uitstapje met collega’s van het werk naar Frankrijk naar de tuin van Renoir waar ook een groep jonge Chinezen liep en die uitgerekend aan mij vroegen om de groep met hun fototoestel als geheel te fotograferen, als ik het goed begrepen had. Het waren er acht en dat was passen en meten op het bruggetje over het water. Hoe vertel je hun dat ze moesten lachen. Ik maakte een grimas en deed: hihihihi. Zij en alle omstanders lagen in een deuk. Het was dan ook hilarisch. Het heeft tien minuten geduurd voor ze er naar volle tevredenheid en lachend opstonden. Je moet nu eenmaal goed werk afleveren.

Wij liepen eindelijk in de zon en op de weide graasden koeien. Het leek een schilderij van Willem Maris. De koeien leken onwetend van het feit dat die inentingen waar zoveel om te doen is naar hen vernoemd is, of wellicht hadden zij er maling aan. Het vaccin is namelijk vernoemd naar de koe na het gebruik van materiaal uit de koepok om pokken uit te bannen. Al gaat het dan nu om een totaal ander type. Na weer de nodige mensen en een vissende fuut gegroet te hebben zagen wij dat de sterrenwacht ook al draait op zonne-energie. Ach, ’s nachts hebben ze geen licht nodig. Het gebouw was mooi aangepast en er was een tentoonstelling te bezichtigen.

Wij waren blij dat wij in de auto zaten. Geweldig dat je daar gaat zitten en dat als je thuis bent je nog steeds op dezelfde plaats zit maar dan kilometers verder. Dat is nu eens een wonder. De hond misten wij bij de wandeling wel. Nu was zoonlief thuis en die wilde niet achter een bal aan. Die ging repetities nakijken. Ik nam een dubbele Grimberger en toen het op was vroeg ik of ik nog zo’n consumptie mocht. “Zou je dat wel doen?” “Nou ja, het is zonde om een glas vuil te maken voor maar één flesje toch?”

WC 25 -10-2021

Een sombere maandag, maar het regende nog net niet. Ed Aldus had gezegd dat het wel kon gebeuren, maar niets is zo veranderlijk als het weer. Maar door Ed is het wel druk op het parkeerdek, want de meeste mensen die zich naast een fiets ook een auto kunnen permitteren vergeten dan graag hun sportieve ambities. De roltrap had er zin in en ik kon de tegemoet komende en in zichzelf vertoevende Margriet nog net wakker maken. “Ach, dag en hallo”. Jawel, het is zichtbaar maandag en er was blijkbaar weinig te beleven. In de Jumbo kwamen wij na de nodige boodschappen in de wagen geladen te hebben langs vers gemaakte pizza’s. Die zagen er aanlokkelijk uit en zij vielen op omdat wij van de week een paar over gevulde pizza’s op hadden van een speciaalzaak uit Oosterhout. Een vriend bracht ze mee omdat ik voor hem een aantal PowerPoint bijdragen voor huisartsen en studenten moest maken omdat hij zegt digibeet te zijn. Nu is hij wel met pensioen, maar het leveren van zijn bijdrage aan de wetenschap gaat gewoon door. Zonde om je specifieke kennis over beharen en ontharen niet door te geven. Bovendien is zijn aanwezigheid gezellig en is het leerzaam om het samen met hem te doen. Maar goed, die pizza’s waren bevallen en deze zagen er ook appetijtelijker uit dan de fabrieksexemplaren uit een doos.

Mijn vrouw vroeg me om even op de houdbaarheidsdatum te kijken. Daar deed ik iets langer over: hier heb ik er een paar van 25-04-2021. Ze zei dat dit niet kon. Ik heb mijn bril afgegeven en zij moest beamen dat mijn zicht nog prima was. Er kwam een man in een zwart maandags uniform van de firma met een toefje geel erin langs. Ik vertelde hem dat hier spullen lagen die zwaar overtijd zijn. “Wachten jullie tot het er vanzelf meer worden?” De man keek en drukte zijn bril nog verder op zijn neus. Hij liep weg, want hij was de man van de groente en fruit. Maar hij kwam terug met de dame van het vlees. “Zo zal je er weinig verkopen”, plaagde ik nog. Volgens haar moest ze alles omzetten naar 25-10-2021. Laat maar, want dan moet je ze dezelfde dag opeten en daar hebben wij al iets van. Andere keer beter.Bij de kassa beleefden wij een déjà vu. Exact dezelfde situatie als vorige week maandag. De ons vertrouwde kassière met dezelfde man van vorige week aan het eind van de band die steeds haar aandacht trok. Ik stond naast hem meteen wat van de band kwam in te pakken en zei hem nog: “hou haar niet van haar werk af, want de boodschappen zijn al zo duur”. Zij was er blij mee, hij geloof ik niet. Een enorme klap en een gil van mij. De stroopwafels vielen precies op de platte kant op de grond. Zelfs de man schrok en vertelde dat dit de zwaartekracht was. Ik zeg hem nog: “denk het niet want ik heb dat pak nog niet met mijn handen aangeraakt. Het wilde blijkbaar met de andere boodschappen meteen vanaf de band in mijn karretje springen, maar komt juist tekort. De kassière vond het wel leuk. Was weer eens iets anders.

Mijn vrouw was de Kruidvat binnen en ik sta voor een lichtbord dat om de minuut een andere reclame tevoorschijn tovert. “Dansen met een wildvreemde” komt voor gedraaid. Ik kende wel dansen met Jansen en die moet je ook maar weten te vinden. Ik kijk om me heen, maar geen wildvreemde zag ik aanstalten maken om met mij te dansen. Het is maandag en ik zie alleen strakke gezichten en de meesten zijn net zo lenig als ik. Er zit vandaag gewoon geen muziek in. Bij de Kippie staat een rijzige man met spier grijs haar en met een zwart mondlapje voor dat keurig bij zijn pak past. Iemand die ongetwijfeld de ochtendkrant gelezen heeft. Voor hem staat een man die net afgerekend had en een kipfrikandel naar binnen wilde stoppen. Hij kijkt omhoog en de man die achter hem staat aan. “Ik kan hem hier opeten”, zegt de man, “jij moet je spullen meenemen, want je krijgt zo niets naar binnen”. De rijzige man vond dat de man van de kipfrikandel ook de leeftijd had om zich goed te beschermen, maar de man zei alleen net voordat hij een flinke hap nam: “Ach man, ik ben 79 jaar, waar moet ik nu nog bang voor zijn”.

Voor de schoenenzaak zie ik een vrouw met een wandelwagen waarin een kind mij aankijkt. Ja, wat heeft zo’n kind anders te doen voor zo’n winkel. Ik maak een grimas. Het kind vond het interessant en moedigde mij aan om door te gaan. Ik kon mezelf niet zien, maar het kind begon te schateren. De moeder dacht het hij dat voor haar deed en werd enthousiast. Ik draaide mij om. Heb nog een aantal van deze brakken die niet wisten wat zij daar deden zo aan het lachen gekregen. Een leuke sport trouwens, want ik sta ook maar te wachten met mijn winkelwagentje. Daarom heb ik ook altijd brokjes bij mij als ik naar het voetballen ga. Al die honden die mee moeten en vast zitten terwijl er zoveel vrij over dat veld draven is zielig en daar moet je wat mee. Je geeft hun leven op een eenvoudige manier zin en hebben nu een doel, want het geheugen van die beesten is heel goed.

Drie kledingzaken in het WC en dan is het vreemd dat je dan zoveel jonge meiden en mooie vrouwen met kapotte broeken ziet lopen. Dan is er iets goed mis in Nederland. Kan nu niemand een broek in die winkels kopen? En alleen maar bij de dump? Is de armoede zo toegeslagen na tien jaar Rutte dat je van onderen op de tocht moet lopen? Of is de mode zo arm geworden dat men niets meer kan verzinnen. Zelf hoef ik niet met een scheur in mijn broek te lopen of men zegt er iets van. Raar he?

Kom een grote jongen tegen die ik al van klein af aan ken. Dan kwam hij met zijn moeder of soms vader mee naar het hondenveld en ik maakte wel eens foto’s van hem als hij voetbalde bij de club. Maar daar was hij vanaf en had hem zolang niet gezien dat hij nu een kop boven mij uitsteekt. Wij keken elkaar aan. Hij herkende mij ook en groette. Hij vertelde deze week vrij te zijn. Leuk, vrij als iedereen al weer naar school is. Ze hadden vorige week in een leeg Leerpark les gehad omdat hun sportafdeling als enige een week later met herfstvakantie ging. Dat kan in Nederland. Voor een paar jongens de hele tent draaiende houden. Wie verzint zoiets. Geen voetbal meer, maar hij hangt nu een beetje aan stangen en liet mij foto’s zien. “Goed, dat je dit alleen kunt doen. Je vrienden zitten immers op school”.

Een reclamebord kwam op mij af en kon net wegspringen. Een Lidl man probeerde met een rits aan elkaar geknoopte karren om het bord heen te laveren, maar dat mislukte. “Goedemorgen”, zei hij om de boel te redden. “Hetzelfde, lekker mis”. Hij zorgde dat hij wegkwam. Ach, het was vast een teken om naar huis te gaan.

WC 18-10

Was vandaag al vroeg op, want ik zou een buurman naar de dokter brengen. Nou vond ik hem altijd al een beetje slijm, slijm en dat kwam er nu bij zijn beurs uit. Die was ontstoken en daar moest wat ingespoten worden. Als hij zelf met de auto ging was hij bang dat het spul er al uit kwam voor hij thuis was. Althans dat had de dokter gezegd. Toen ik bij hem voor de deur stond kwam hij strompelend naar buiten want het was ook nog in zijn rug geschoten.

Al met al had ik beter met een kruiwagen kunnen komen. Het was druk beneden aan de roltrap. Zowel bij Delicious als bij de Jumbo. Er wordt weer gewoon goed verdiend aan het terras zowel binnen als buiten. Of je er een slavencode voor nodig hebt, weet ik niet. Zou zo maar kunnen. Hier en daar kwam ik bekenden uit de buurt en van de club tegen. Wij groeten elkaar vriendelijk. Sommigen maakten haast om weg te komen onder het mom van alles wat je zegt kan tegen je gebruikt worden. Veel kinderen moesten blijkbaar opeens met hun moeder of vader mee in alle soorten en smaken. Tja, dat is waar ook, want het is in deze contreien herfstvakantie. Vandaar dat het wel speelkwartier lijkt. Schreeuwende, rennende en spelende brakken tussen de mensen door. Een liep op zijn blote voeten met zijn slippers te voetballen. Tegenwoordig kijk je nergens meer van op. Links en rechts viel er een op de harde grond. De vrouw was het boodschappenwagentje ophalen en ik wachtte daar trouw op.

Een ventje stond alleen voor de Jumbo naar de gele bus te kijken die kinderen uitnodigt om in plaats te nemen. Zelf heb ik daar ook al een aantal malen met een schuin oog naar gekeken. Er staan er namelijk twee. Een politieauto voor Jamin en deze bus. Die politieauto is te klein voor mij. Maar zou ik in die bus kunnen? Nee, zulke attracties waren er vroeger niet was mijn excuus. Ik heb in mijn jeugd een keer in zo’n kleine auto met echte wielen gezeten voor de dierentuin maar die reed of hobbelde niet. Dat was alleen zitten en dan maakte de Blijdorp fotograaf een foto van je. Wellicht hebben anderen ook nog zo’n foto. Ik voelde in mijn zakken of ik nog een muntje had en warempel het paste nog ook en dat ding ging hobbelen. Ik duwde het ventje naar binnen. Jij bent de chauffeur. Het mannetje genoot. Even verderop zie ik een moeder die naar iets of iemand op zoek is. “Bent u iets kwijt?”, vroeg ik. “Ik zoek mijn zoon, hij zou hier op mij wachten, maar ik zie hem niet meer”. “Er lopen hier jongens genoeg. Zoek een blommige uit zou ik zeggen. Hoe ziet hij eruit”?”. Dat kon zij mij feilloos vertellen. “Ohh, die heb ik gezien. Hij is met de bus mee naar de stad, maar of hij ver komt, dat weet ik niet”. Ik wees haar op de hobbelende bus. Gelukkig was hij terecht en stapte hij met een glimlach van oor tot oor bij halte WC gewoon weer uit toen het kon. Toen ze haar schrik te boven was kon ze er wel om lachen.

In de Jumbo vroeg de vrouw mijn bril om de juiste prijs te kunnen lezen. Die neem ik meestal mee omdat ik meer zakken heb. Ik sta hem dan ook met veel plezier af om hem weer terug te krijgen. “Nee, hou hem nu maar bij je, want anders slijten mijn zakken zo”. Kortom na verloop van tijd vraag ik richting kassa mijn bril terug. Zegt ze dat ze hem al terug gegeven had. Ik wilde dat niet geloven want hij zat niet in de zak waar de bril uitkwam. Vrouwlief weer terug om te kijken of ze hem ergens had laten liggen. Nergens te zien. Ik nog eens voelen of hij ergens anders in een zak aanwezig was en dat had ik al een paar keer gedaan. Uit een onmogelijke plek kwam hij opeens tevoorschijn. ”Sorry, ik heb hem wel. Ik mis blijkbaar een gedeelte, maar dat is vast de leeftijd”. “Jij ziet kans om hele volksstammen gek te maken kon zij mij nog wel toevoegen. “ Is dat zo? Mooi, dan begin ik daar morgen mee door naar Den Haag te gaan”. Maar goed wij konden weer kijken. Braille is aan ons niet besteed.

Het kan nog gekker, want thuis hebben wij eens met zijn drieën naar die leesbril gezocht. Alle plekken nagelopen waar ik geweest was tot in de tuin toe. Nu is het maar zo’n goedkope uit de winkels van 2,0 + en hebben wij die meestal wel in voorraad, maar dit bleek de laatste uit de voorraadserie. Na een hoop getob voor het scherm kreeg mijn zoon laat in de middag een lumineus idee. Hij zag dat ik een vest aanhad met capuchon. Hij liep op mij toe, deed een greep in de capuchon en viste de bril eruit. Soms heb ik dat ding boven op mijn hoofd zitten en deze is er door welke handeling dan ook afgevallen pardoes in het vangnet en dan hoor je de bril ook niet kletteren. Het leek erop of wij die dag naar mijn paard gezocht hadden waar ik op zat. “jij maakt hele volksstammen gek’, dus was dat in de Jumbo eigenlijk een soort van déjà vu.

Door het WC liepen nogal wat kantoormensen mannelijk en vrouwelijk in deftige kleding te knagen aan grote hompen brood met vlees ertussen van de Kippie. Met schone schijn tijdens de pauze in het WC even vergeten waarvoor je door de baas ingehuurd bent en dat moet kunnen zolang ze niet op mijn kleding morsen. Nadat de vrouw met de bruine ongemalen bonen uit de Hema kwam, ging ik nog even de Big Bazar in, want ik had gezien dat ze weer mezenbollen in de aanbieding hadden voor een prijs waar je ze zelf niet voor kan maken en mijn tuinvogels zijn er gek op. De kassa dame wenste mij vriendelijk goede morgen.. “Zijn dit de enige jeu de boules ballen die jullie hebben? ”, vroeg ik haar. Ze bleef naar me lachen en het was slim van haar dat ze het daarbij liet.

Terug naar de roltrap loop ik met mijn winkelwagen nabij schoenenzaak Nelson samen op met een keurig gekapte dame met rode lippen achter een mooie rollator. Minutenlang loop ik even hard als zij pal naast haar. Ze kijkt mij aan en ik zeg: ”Zullen wij een wedstrijd doen wie het eerst achteraan is”, en nam de starthouding aan. Ik had het nog niet gezegd en zij begint te draven al was het maar de eerste meters”. Ze zag er de lol wel van in en begon om het gemakkelijker te maken in het Engels tegen mij te praten. Als ik het goed begreep had zij een brace om haar knie waarvoor zij het hulpje gebruikte. Normaal had zij hem niet nodig naar het bleek. ”En waar heeft u last van, Van uw rug?”. Nog niet en ik wees op mijn vrouw die schielijk de andere kant opkeek. “Van haar, want zij koopt teveel en dat kan ik niet alleen dragen en dan krijg ik pas last van mijn rug.” Zij had lol. Geweldig dat er mensen zijn die gewoon anticiperen op de zaken die zich onverwacht voordoen. Wij wensten elkaar “a sunny day”. Thuisgekomen ging meteen de zon schijnen. Soms komen wensen ook nog uit.

WC 11-10-2021

Soms is het op een dagdeel drukker dan anders en is parkeren iets moeilijker dan op de gewone tijd. Maar een leven is nu eenmaal dynamisch en vaste tijden zijn er alleen voor werk en kerk. Dus af en toe een rondje van de auto voor een plekkie. Het komt altijd goed. Wij zouden eerst naar het Kruidvat gaan. De kauwgum was in de aanbieding. Als je niet rookt of snoept wil je wel het idee hebben dat je iets doet dat niet goed is. Van kauwgum slijten je vullingen in de kiezen net als een tennisbal doet bij een hond.

Nu ga ik nooit bij de Kruidvat naar binnen en kuier ik wat in de buurt rond. Kom ik opeens Loer tegen. Een lange jongen die je de zon zou kunnen ontnemen als je er naast staat. Ik draaide hem een loer als heel klein ventje door hem een paar keer door zijn stokken te spelen toen hij eens op het veldje voor ons huis kwam voetballen. Wij deden een partijtje van hij en mijn zoon tegen mijn persoon. Het was ver in de jaren negentig. Ondanks mijn hoge leeftijd kregen die twee geen voet aan de grond. Mijn zoon wist dat wel, maar Loer kon het niet verkroppen. Dat was een deuk in zijn zelfvertrouwen. Was voor mij best een dilemma om net te doen of zij beter waren, of de jongens keihard met de neus op de feiten drukken dat je een tegenstander nooit mag onderschatten. Dat eerste was het gemakkelijkst, maar ik koos voor het tweede en dat kostte mij wel enige uren van uithijgen op de bank. Toch heeft Loer later nog naar vermogen in de club gevoetbald.

“Klopt het dat ik je niet meer zie bij de club?”. “Nou ja, ik kom er nog wel hoor maar niet zo vaak”. Hij vertelde dat zijn zoon ook voor de club gespeeld had, naar een andere club verkast en nu helemaal gestopt was. Dus kwam hij bij thuiswedstrijden van het eerste nog wel eens zijn vrienden opzoeken. Grappig dat je iemand als klein ventje kent, die nu zelf vader is en hetzelfde traject als vervoerder , leider etc. volgde als iedere vader doet. Een enkeling komt met een vrijkaart bij een profclub op de tribune te zitten maar het gros ervaart de teleurstelling dat de zoon er fysiek net zo weinig energie in stopt als de vader ooit deed. Trouwens met de mond gaat alles beter. Het leuke was dat hij me zeer serieus nog steeds serieus nam. Henk en Ingrid kwamen langs. Henk moest nog op adem komen, want zij waren van huis komen lopen en Henk had al de nodige longproblemen achter de rug. “Heb je dit keer de papagaai niet meegenomen?” “Nee, hij moet nu thuis blijven”. “Het beest zal wel gezegd hebben dat hij geen porno meer wil kijken bij de Kippie”. “Ha ,ha, nee hij praat veel, maar dit heeft hij nog niet gezegd. Hij zit nu in gezelschap van de nieuwe papagaai, maar die zegt nog niet zo veel”. “Dat komt wel, toen jij nieuw op aarde was zei je ook niets. Dat kwam pas met de jaren en nu heb ik zelfs nog moeite om je te verstaan. Geintje joh. “Zijn jullie al bij Delicious geweest, of moet ik alvast zeggen dat je eraan komt”, “Nee, wij gaan eerst wat boodschappen doen en daarna pas een bakkie doen als voorbereiding op de terugreis. Onze tijd is nu eenmaal dynamisch”. Waar hoorde ik dat meer.

Het duurde lang bij het Kruidvat. En tot mijn geluk kwam ik weer een bekende tegen die met twee handen volle tassen droeg die hij gauw neer zette. Ik zag hem jarenlang altijd vol overgave van alles doen bij de jeugdteams van zijn zoon. Hij leerde mij ooit hoe ik de naam van de aanvaller van PEC Ghoochannejhad moest uitspreken. Als je dat kan ben je al een kanjer. “Heb je de foto’s van je team gezien?” Hij had namelijk op dit medium een opmerking gemaakt dat hij zijn team miste bij de fotoreportage. “Ja, ja, leuk man. Die goal van Bert stond er geweldig op”. Zijn ogen straalde. “Bert kwam ons helpen want wij zijn steeds spelers kwijt zijn aan hogere teams”. Ik vroeg hem hoe het ging als leider van een seniorenteam, want toen hij gestopt was had ik hem er al eens op gewezen dat het voor hem gezien de sociale contacten zonde zou zijn om zich niet meer op de club te laten zien. Hij had toen geantwoord dat hij er over na zou denken. En voilà, hij was er weer met een leuk groepje jongens waarbij hij zijn ei kwijt kon. “Tja, wij redden het wel. Wij spelen niet te hoog. Het enige probleem is dat de club niet voor een scheidsrechter voor thuiswedstrijden kan zorgen. Wij vinden dan iemand bereid die dat tegen betaling wel wil doen. De laatste keer heb ik dat uit eigen zak betaald. Misschien dat wij dat met de club samsam kunnen doen”. Ter plekke zakte bij mij de broek af en dat werd bij de verdere gang door het WC nog een handicap ook.

“Kijk, draven kan ik niet meer, maar als je kan zorgen voor een hoge tennisstoel en die op de middenlijn langs de lijn zet dan ga ik er wel met een fluit opzitten als iemand mij een kontje geeft. Met twee grensrechters en mijn overzicht moet het lukken. Is ook beter dan een man in het veld. Langs de lijn worden altijd de beste en enig juiste beslissingen genomen toch? Dus met wat hulp van mensen langs de lijn gaat het lukken. Dat wordt het nieuwe normaal. En…ik ben gratis. Hij keek mij glimlachend aan. Ja, doen we, leuk, maar hij dacht: hij spoort niet en dat is internationaal. “Wat mij wel opvalt, is dat ik je vrouw nooit bij de club zie. Ze wilt toch ook graag haar zoon zien voetballen. Of, mag ze van jou niet komen”. Zijn guitige ogen verraadde veel. “Nee joh, natuurlijk mag ze komen. Ze is wel eens geweest, maar voetbal is niet haar ding. En ik kan haar toch niet dwingen. Dat zou pas echt raar zijn toch?.” Onze man uit Teheran wist mijn geplaag op kundige en slimme manier te pareren. Bewondering voor een man die zo geweldig vanuit een andere cultuur en een moeilijke taal in een wellicht voor hem nog moeilijkere taal zich zo ontwikkeld heeft en er altijd gesoigneerd uitziet is op zijn plaats. En zo ken ik nog meer positief ingestelde clubmensen. Mijn vrouw kwam uit de winkel en ik stelde haar aan hem voor en andersom. Waar zij uit kwam ging hij in. Ook zijn tijd is dynamisch.

Op de terugweg werd ik vanachter een paal aangesproken door een jonge dame die mij een klein rechthoekig pakketje wilde geven. Je moet altijd op je hoede zijn. Voor je het weet zit je aan een abonnement vast. Ik dacht aan zeep, want ik kon haar niet goed verstaan. Ik nam het maar aan. Ik maakte een schrikbeweging die zij overnam. Ik had namelijk niet verwacht dat het behoorlijk koud was. Het bleek iets dat smeert, bakt en braad, maar dan in de vorm van Vegan boter. Hopelijk gaat de Duitse biefstuk er niet van vloeken. Komt Margriet lachend langs met haar vingertje wapperend: wij gaan nu niets opschrijven hee. Nee, maar gauw naar huis dus, maar niet voor dat wij naar Henk en Ingrid gezwaaid hadden die achter de koffie zaten. Groot koekje erbij.

WC 4-10-2021

Het is altijd weer een feest om boodschappen te kunnen doen. Ten eerste omdat je gezondheid het toelaat. Ten tweede omdat je nog vervoer hebt en ten derde, dat je nog wat boodschappen kan betalen. Dat ten eerste is geen vanzelfsprekendheid. Je kan ’s ochtends met spit opstaan en dan heb je aan ten tweede ook niets. Spit is nog tot daar toe. Ik heb wel eens een hernia gehad en dat is een langdurige uitvoering. Kortom, dit is zoals iedereen begrijpt maar een van de vele mogelijkheden en waarschijnlijk de minsten waarom het met de gezondheid kan tegenzitten. Kan ook zijn dat je gezond bent, maar dat Hugo de QRankzinnige met zijn bende besluit dat je alleen met een slavencode een winkelcentrum in mag en dan heb je aan geld ook niets. Het is een zogenaamd Wappie verhaal, maar die hebben toe nu toe steeds gelijk gekregen en dat is hoogst irritant. Nu heb ik wel een QRcode, maar dat heeft iedereen met een rijbewijs dat na 1 november 2014 uitgegeven is ook. Kijk maar op de achterkant van de kaart. Je kan er een nieuw rijbewijs mee online aanvragen. Dus men is al lang met zo’n code bezig en straks komt er van alles, behalve oorbellen aan te hangen. Nu zal ik sowieso de beveiliger met de blonde haren vanwege de AVG niet gaan belasten met mijn medisch dossier. Meedoen met onrecht zit niet in de familie. Niet voor niets heeft mijn opa tachtig jaar geleden ruim vier jaar in concentratiekamp Buchewald doorgebracht als een van de eerste Geuzen die opgepakt werden, omdat hij niet normaal wilde maken wat ook toen niet normaal was. Maar het wordt gezelliger hoor.

Ik zie meteen onder aan de roltrap bij Delicious, waar het zithoekje vol is, Gompi, inclusief hangende snor en met hoed een klein hondje van een scootmobielbewoonster aaien. In mijn beleving twee dieren die aandacht voor elkaar hebben. Geweldig, maar logisch, want het is vandaag nu eenmaal werelddierendag. In tegenstelling tot Patrick, van het hoog water in het dorp, die juist nu twintig meter verder, op een bankje ongegeneerd een kippenpoot aan het kluiven is. Plots zie ik uit een ooghoek een van de diëtistes van het tot puin vermalen ziekenhuis Refaja de Jumbo ingaan. “Kom op vrouw, er achteraan”. Wij wisten nog niet wat wij gingen eten, dus kijken wij gewoon van een afstandje wat zij koopt en dan nemen wij dat ook. Met in het achterhoofd het idee om dan ook eens gezond te eten. Ze is dan wel met pensioen, maar ze zal haar vak vast niet verleerd zijn. Ze ziet er in ieder geval zeer patent uit.

Kom ik opeens een vader van een van de vele Rubens in de club tegen en dat is geen schilder. “Tijd niet gezien dat ik je geleden heb”. Is weer eens wat anders maar hij begreep me. Ik ken Ruben vanaf de D tot en met het tweede elftal. “Ja, rare tijd met dat voetbal dat niet gevoetbald werd en trouwens Ruben is in Brielle gaan wonen. Hij viste een vriendin uit Rozenburg op, vandaar. Waar hij werkt? In Alblasserdam”. “Dan moet hij veel van dat meisje houden als hij voor haar in die contreien gaat wonen zonder voetbal en ver van je werk”. “Klopt, maar ik hoorde dat hij afgelopen zaterdag toch weer een wedstrijd gespeeld heeft in het vierde”. Mijn vrouw kende papa Ruben niet en ging gestaag verder met het vullen van de kar waar ik op paste. “Goed hee, want ik neem het Dordts al aardig over, dat tijdens ons gesprek mijn kar steeds voller wordt en jouw mandje maar leeg blijft. Zal ik vragen of ze er bij jou ook iets ingooit?” Toen werd het tijd voor papa Ruben om zelf zijn mandje te gaan vullen. Bij de kassa staat iemand voor ons met twee bijzondere pompoenen in de vorm van een fles om af te rekenen. “Zit hier ook statiegeld op, mevrouw”, hoor ik de man zeggen. “Nee hoor mijnheer”, zei de dame achter de kassa laconiek. ”U kunt het binnenste gedeelte opeten en de rest gewoon weggooien”. “Dank u mevrouw, ik was er al bang voor, maar je weet het tegenwoordig niet meer hee, waar wel of geen statiegeld op zit.”

In de verte nam ik een dame waar die ik al een paar keer eerder in het WC ben tegen gekomen, met een kind in een kinderwagen al pratend met ongetwijfeld voor haar een bekende. Maar van dat kind is zij dan de oma. Ik weet niet of ze mij ook herkent, want wij hebben nog geen oogcontact gehad. Als ze het is, dan is het de meest enthousiaste moeder langs de lijn van een voetbalveld die ik ooit gezien heb. Zij leefde altijd zo intens mee, dat zij verbaal en met het hele lichaam onvoorwaardelijk de wedstrijd beleefde. Als iemand een bal schopte, deed zij mee. Zij was degene waarvoor iedereen al op anderhalve meter stond voor het nog maar uitgevonden was. Ik moest altijd opletten of niemand een hakje in het veld gaf als ik achter haar langs liep met mijn camera. Ik had ook een hakje gekregen. Voor haar langs kruisen durfde ik sowieso niet. Ze was na een wedstrijd compleet versleten en dan te bedenken dat zij twee zoons had die voetbalden en na afloop nooit zo moe waren. Na de wedstrijden kon ze geen pap meer zeggen en die pap werd gemaakt door haar man met een vijzel. Hij was een collega van de apotheek en daarmee heel bedreven. Heb in mijn laboratoriumtijd ook weleens met zo’n vijzel gewerkt. De apotheek was achterin de gang en beide afdelingen hadden dezelfde baas. Dan gingen wij in de loze tijd de dames helpen met de zwaardere klussen zoals het homogeniseren van de aambeienzalf. Was best een zwaar karweitje. Dus ik weet hoe haar eten eruit gezien heeft. Goed weg te werken dus. En of die aambeienzalf gewerkt heeft? Nooit iemand gesproken die het beaam(bei)d heeft.“

Hee maat, hoe is het? Tijd niet gezien dat ik je geleden heb”, nee hè, hij ook al. “Kan ik beter van jou zeggen”. “Tja, ik ben een aantal weken op andere dagen geweest. Ik kan niet zo goed tegen slap ouwehoeren”, en hij gaf mij een knipoog”. Je moet het niet zeggen, maar ik deed het toch. ”Jij bent degene die mij altijd aanspreekt”. McCloud had er zin in. Hele verhandelingen over al die leidende clubs in competities die allemaal hadden verloren en achtervolgers die niet wisten te profiteren en omdat in dat woord prof zit noemde hij ze amateurs. “Ach, het voetbal is nu eenmaal onvoorspelbaar”, opperde ik. Mac weer: “Iets anders. Je weet, ik poch niet graag over de dure uitjes die ik soms maak, maar nu kan ik het toch even niet laten. Ik ben vanmorgen met de auto naar het tankstation geweest. Hij kon er zelf nog om lachen. Terug naar huis keek ik bij toeval op de benzine meter. Nee hè, ik wil niet pochen, maar zo te zien heb ik binnenkort ook een duur uitje.

WC 27-09-2021

Het was weer zover. Kom net van het parkeerdek af en terug omdat ik weer eens iets vergeten was. Ik zag mijn auto al bewegen uit de verte. Naast mijn auto was een ouder stel komen staan in een niet al te grote lage auto op leeftijd. Geeft niets als wij maar mobiel blijven. Aan mijn kant stond het portier wagenwijd open tegen mijn auto aan terwijl de dame in kwestie er met handen aan deurstijl en portier nog in zat. Ze probeerde zo als een bonkend konijn met horten en stoten uit de zetel te komen. Wijdbeens zodat iedereen bekant haar QRcode kon zien, maar dat was voor haar nu even geen prioriteit. Ik stond mij al op te vreten want mijn portier deukte al in. Al is hij ook niet nieuw meer, je bent er toch zuinig op. Je poetst en zuigt hem niet voor niets een keer per jaar en dat had ik dus pas gedaan. Ik greep in. Zo mevrouw, dat gaat niet gemakkelijk hè? Maar ja, u moet ook uw boodschappen in huis halen en de deur eens uit al gaat dat niet gemakkelijk meer. Zal ik u eens helpen? Ik gaf haar twee handen en met mijn twee benen bij elkaar trok ik haar de auto uit. Er klonk een zucht. Dat was van de man die net aan de andere kant via een te nauwe opening de auto uit gekropen was. Hij keek over het autodak mij met een rood hoofd en grote ogen aan en zette zijn pet op. Even volhouden baas. Heb nu geen tijd om ook nog te reanimeren. Kortom: leuk dat ook oudere mensen hun ding nog kunnen doen, alleen moeten ze op het parkeerdek een aantal bredere vakken maken voor deze ouderen, zodat zij gemakkelijker in en uit hun strijdwagens kunnen komen. Mijn auto heeft in ieder geval nog een leuk aandenken aan deze gezellige ontmoeting.

Ik was al moe en de klus moest nog geklaard worden. Gelukkig kon ik recupereren op de roltrap, dacht ik. We staan net op de roltrap en dat ding stopt. Schoot voorover maar de weg naar beneden werd zo wel korter. Nu zullen de prijzen ook wel enorm naar boven bijgesteld zijn. Ongelukken komen zelden alleen. Beneden zag dat ik Patrick, van het hoog water in het dorp al handenwrijvend heen en weer liep. Het is weer als vanouds zag ik meteen. Niet meer omkijken, maar alleen voor uit. Dat was goed ook, want bij het halen van ons karretje struikelde ik bijna over een aantal scootmobiels die half buiten het terras van Delicious stonden met stevige mensen erin, die genoten van een advocaatje met slagroom. Dit moest Hugo de Jonge eens zien, mijmerde ik. Leven en laten leven en niet met anderen bemoeien is het beste motto van deze tijd.

De ongezonde dingen stonden weer uitdagend in aparte schappen bij de Jumbo. Flessen wijn met 25 procent korting. Gebak voor 1 euro tot 2 euro vijftig. Het is net zo lekker, maar het moet wel vandaag op. Help ons niets weg te gooien stond er op het bord. Ik heb deze keer niet geholpen. Moet nog bijkomen van het weekend. Laat ik niet vergeten aan de overkant nog gepelde zonnebloempitten te kopen, bedenk ik mij. Is bij Holland & Barrett goedkoper dan hier bij de Jumbo al zou je dat niet verwachten. Vroeger keek ik nooit naar prijzen. Ik deed ook geen boodschappen. Was meestal op mijn werk. Nu zag ik de man van een collega uit het ziekenhuis. Dat WC lijkt af en toe op een soos van gepensioneerde ziekenhuis medewerkers. Zijn vrouw was een vrolijke tante van de huishoudelijke dienst met een wat zware stem, dus ze houdt je wel wakker. Vorige week nog een kort praatje gemaakt met beiden. “Ben je alleen, of is de vrouw elders in de winkel?”. Vroeg ik hem. “Nee joh, ik ben alleen. Ze is bij de schoonheidsspecialiste geweest en nu durft ze het winkelcentrum niet in. Ja, met vrouwen weet je nooit hoe de hazen lopen hee?

Pal voor de Hema hoorde ik: hee ma, kijk hier zijn de koffiebonen in de aanbieding. Een dochter maakte haar moeder daar attent op. Deze zijn prima voor je zelf malend koffiezet apparaat. Daar was ik blij mee, want daar hebben wij meteen ook maar een paar balen van meegenomen. Heerlijk die lucht als die zakken onder je neus in de tas verdwijnen. Net of je voor Delicious staat. Aan het einde van het WC waar de verbouwing voor de nieuwe Jumbo plaatst vindt, is een nieuwe ingang en uitgang gemaakt. De rekken van het kledingwinkeltje staan nu op de doodlopende gang.

Het is er een kabaal van jewelste. Die mannen zijn zich lekker aan het uitleven na het weekend. Een bekende kwam in scootmobiel door de nieuwe ingang aangereden en stak zijn hand op. “Hoe is het Kappie, je ziet er goed uit man”. “Goed joh, dat zeggen ze allemaal”. “Je komt nu wel mooi door de artiesteningang naar binnen hè, als Special Guest”. “Ja leuk hee. Zaterdag kwam ik door de oude ingang en stond ik opeens midden in het kledingwinkeltje”. “En moest je meteen verplicht een jurk uitzoeken?” ”Nee, zo erg was het nog niet, maar binnenkort heb ik er misschien wel een nodig. Tjonge wat een wereld. Er gaan momenteel wel veel mensen dood. In mijn oude buurt hoorde ik en hier in de flat vallen ze ook bij bosjes. Kijk als je in de negentig bent is dat niet zo vreemd, maar veel halen hun pensioen niet eens. Eng hoor. Trouwens hoe vind je mijn nieuwe scootmobiel? Je weet dat ik die altijd van mijn vrouw nam, maar nu heb ik er zelf ook een. Ik heb mijn auto weggedaan. Autorijden werd niets meer. Mijn oog doet het niet zo goed meer, dus nu kunnen wij samen weg. Ik kom nu op plekken waar ik met de auto nooit kwam”.

“Wie rijdt er voor?”. “Wie denk je. De mijne gaat sneller dus ik hobbel er wel achter aan en de vrouw weet de weg. Het leuke is dat in de auto zij altijd tegen mij zei dat ik links of rechts op moest letten. Nu is het andersom. Hee, let je een beetje op die fietsers van rechts. Leuk hoor, althans voor mij. Wij zijn pas nog samen naar die nieuwe wijk Wilgenwende geweest. Zegt ze tegen mij zullen wij hier maar een huis kopen. Ze kan beter een plekje in Parkhuis zoeken, denk je niet? Daar komen wij regelmatig bij familie. Die zit in zo’n stoel, twee keer zo dik geworden. Je praat twee minuten en zakt dan zo weg met de kin op de borst. Maar goed, voor je eigen geruststelling ben je er geweest. Ik vraag wel eens aan die dames die daar rondlopen of er al een plaatsje voor mij is. Zeg er bij dat ik wel gezellig ben. Dat helpt misschien. Je moet er vroeg bij wezen. Was ik van de week koffie aan het drinken en wilde betalen, kon ik dat opeens niet meer contant doen. Dat was wat, want ik heb zo’n kaartje niet. Heb ik mij nooit mee bemoeid. Mijn vrouw heeft hem zelfs van mij afgepakt. Ik doe het niet goed. Moest een keer 50 euro halen en kwam met 500 euro terug. Weet niet wat ik verkeerd gedaan heb. Maar goed, we leven nog. Ik rook en drink niet. Volg het doktersadvies op. Het leven is zo overzichtelijk en goedkoop. Maar ik zal jullie niet ophouden. Tot ziens”.

Op de terugweg in het WC moesten wij Kappie met zijn slechte blik niet tegenkomen al had hij bezworen dat het alleen de avond betrof. Thuis bleek dat ik toch de gepelde zonnebloempitten vergeten was. De tortelduiven keken mij namelijk teleurgesteld aan.